De dag was zonnig, maar het was koud.
50 · nl
Korte, eenvoudige zinnen met ‘maar’, geschikt voor kinderen/basisschool, met veelvoorkomende combinaties en verwante woorden.
De dag was zonnig, maar het was koud.
Er was niets veranderd, maar alles was anders.
De appel was rot, maar het kind wist het niet.
Hij wilde met haar dansen, maar zij wilde niet.
Ze zocht gerechtigheid, maar vond alleen onrecht.
De baby probeert te praten, maar stottert alleen.
Het vers was prachtig, maar ze kon het niet begrijpen.
Haar ogen merkten het gevaar op, maar het was te laat.
Ze was verliefd op hem, maar durfde het nooit te zeggen.
Mijn favoriete kleur is blauw, maar ik hou ook van rood.
Je argument is geldig, maar er zijn details te bespreken.
De motregen was bijna onmerkbaar, maar maakte de grond nat.
Sommige mensen houden van koken, maar ik hou er niet zo van.
Wat jammer! Ik werd wakker, want het was maar een mooie droom.
De sterren stralen, maar slechts een beetje helderder dan jij.
Ze stak haar hand op om hem te groeten, maar hij zag haar niet.
Het weesjongetje wilde alleen maar een gezin dat van hem hield.
Ik kocht een goedkopere, maar even effectieve muggenafschrikker.
Sommige jongens waren aan het huilen, maar we wisten niet waarom.
De poolijskappen vormen een prachtig landschap, maar vol gevaren.
We keken naar de nesten terwijl de vogeltjes maar bleven tjilpen.
Ik hou van mijn warme en schuimige melk koffie, maar ik haat thee.
Gezondheid is belangrijk voor iedereen, maar vooral voor kinderen.
Mijn grootmoeder heeft een verouderde maar charmante woordenschat.
De kans doet zich maar één keer voor, dus je moet ervan profiteren.
De jongen wilde de deur openen, maar kon het niet omdat hij vastzat.
Het is koud en ik draag handschoenen, maar ze zijn niet warm genoeg.
De encyclopedie in mijn huis is erg oud, maar nog steeds erg nuttig.
Mijn broer wilde een skateboard kopen, maar hij had niet genoeg geld.
De executive hield van zijn werk, maar soms voelde hij zich gestrest.
Ik dacht een eenhoorn te zien, maar het was slechts een hallucinatie.
Het proces van het leren van een nieuwe taal is moeilijk, maar lonend.
Ze probeert vreugde te veinzen, maar haar ogen weerspiegelen verdriet.
Eerlijkheid wordt niet alleen bewezen met woorden, maar ook met daden.
Natuurlijk begrijp ik wat je bedoelt, maar ik ben het er niet mee eens.
De man was vriendelijk, maar de vrouw beantwoordde zijn gevoelens niet.
Ik zou graag een nieuwe auto willen kopen, maar ik heb niet genoeg geld.
De koffie die ik bestelde was semi-bitter, maar tegelijkertijd heerlijk.
Hij woonde in een hut, maar toch leefde hij daar gelukkig met zijn gezin.
Ik zou graag geneeskunde willen studeren, maar ik weet niet of ik het kan.
Veel mensen geven de voorkeur aan teamsporten, maar ik houd meer van yoga.
De zomer was heet en mooi, maar ze wist dat het binnenkort voorbij zou zijn.
Verslavingen zijn slecht, maar de verslaving aan tabak is een van de ergste.
Ik heb veel gestudeerd, maar ik ben er niet in geslaagd het examen te halen.
Ze opende haar mond om te schreeuwen, maar ze kon niets anders doen dan huilen.
De schoonheid van het landschap was indrukwekkend, maar het weer was ongunstig.
De krijger wankelde na de laatste klap, maar weigerde voor de vijand te vallen.
We gingen brood kopen, maar ze zeiden dat er geen brood meer in de bakkerij was.
Het weer was ongunstig. De regen viel onafgebroken en de wind bleef maar waaien.
Ik probeerde het uit mijn gedachten te wissen, maar de gedachte bleef aanhouden.
Gratis AI-zinnegenerator: maak leeftijdspassende voorbeeldzinnen van elk woord. Ideaal voor leerlingen en taalleerders.