Korte definitie: getreurd
Verdrietig of bedroefd zijn om iets wat is gebeurd; rouwen of treuren.
5 zinnen met ‘getreurd’ — voorbeelden
1.
De muzikant getreurd na het verloren gaan van zijn gitaar.
2.
De moeder getreurd omdat haar kind niet op tijd kwam terug.
3.
De student getreurd toen zijn zorgvuldig project mislukt was.
4.
De reiziger getreurd gedurende het afscheid op het treinstation.
5.
De schilder getreurd toen hij de beschadigde muurschildering zag.